Portugal – dinsdag 17 maart 2009

Portugal,
lang heeft de connotatie met goedkope zoete port in mijn geheugen gehangen… tot we een Feest van de Vlaamse Wijngilde meemaakten waar Portugal gastland was. Sinds 19 maart heeft ook onze proeverij mijn nieuwsgierigheid naar zijn wijnen aangewakkerd. Dat landje dat ik ken van die mooie stad Lisboa en fijne vakantieherinneringen heeft veel vloeibaar lekkers in zijn mars!


Sfeerfoto's

Op het web
Wat meer info op het wereldwijdeweb over de verschillende wijnen die we proefden:

Geproefd
De wijnen in proefvolgorde
Als je op de wijnen klikt kom je terecht op de wijntabel waarin je wat meer informatie vindt… jullie reacties op de wijnen zijn echter ONONTBEERLIJK!
Alle wijnen komen van Amor Vini

Theorie

Você bebe Portuguêses

Portugal. Droge witte en rode wijnen. Zo staat het in ons programma. Op de één of andere manier kwamen we terecht bij Rudi Jans van Amor Vini. Rudi heeft een stevige passie voor Portugese wijnen. Zijn rode lievelingsdruif is de touriga nacional, een druif die hij roemt voor zijn krachtige tannines, wulpse body en opzwepende zuren.

Zijn taak was even simpel als moeilijk: ons 2 witte en 4 rode Portugese wijnen voorschotelen. Wijnen die we, volgens de traditie van Den Bloeyenden Wijngaerdt, blind gingen proeven en waarbij we een wedstrijdje Noord versus Zuid wilden spelen. Het zweet parelde lichtjes op zijn voorhoofd bij deze opdracht, maar al gauw had Rudi een lijstje samengesteld met wijnen uit bekende en minder bekende regio’s van Portugal.

Dé 3½ redenen voor een Portugese wijnavond

Portugal, waar de “saudade” op iedere straathoek te vinden is. Bevolkt door een trots en krachtig volk dat van oudsher op de zee was aangewezen en vele zonen heeft verloren aan dat machtige water. Een land met geschiedenis, een bewogen geschiedenis.

1. Meer dan 300 inheemse druivenrassen

En die rijke geschiedenis vind je ook terug in de druivelaars. Portugal is een grot van Ali Baba: zo maar eventjes meer dan 300 inheemse druivenrassen. Stel je voor dat je morgen elke dag een andere Portugese druif proeft (liefst in de vloeibare wijnvorm). Wel, dan ben je al gauw bijna 10 MAANDEN bezig. Wauw!

2. Portugezen zijn meesterblenders

Porto, dit overheerlijk ambrozijn, laat meer dan 80 verschillende druivenrassen toe. Ik herhaal, MEER DAN 80. Blenden is het samenvoegen van de wijnen van verschillende druiven om zo één wijn te bekomen. Ooit Ronaldo Cristiano één van zijn verzengende dribbels zien uitvoeren, wel zo goed hebben ze in Portugal het blenden onder de knie. Proef een Late Bottled Vintage en je weet exact wat ik bedoel.

Pittig detail, de partnerstad van Porto is Bordeaux, ook al zo’n regio waar blenden een tweede natuur is.

3. Portugal heeft een aantal klimatologische supertroeven

Al in Porto op vakantie geweest tijdens de zomer? En heb je dan ‘s avonds een romantische wandeling gemaakt langs de kust? Mijn romantische wandeling viel tegen. Ik heb een vrouw die niet bestand is tegen koude. En ja, met die stevige oceaanwinden was het frisjes, zéér frisjes. Om maar te zeggen dat dit zuidelijk gelegen land een stevige invloed heeft van de Atlantische Oceaan en haar winden. Zeker op de westelijke kustgedeelten voel je dit “aan den lijve”.

Als je vanuit Porto verder landinwaarts trekt, kom je in de DOC Douro. De appellatie voor portwijnen. Deze streek heeft heel wat bergketens (o.a. Serra do Marão, Serra de Montemuro). Die bergen vormen een blokkade tegen de snijdende Atlantische winden. Hier is het een eind warmer in de zomer en een ruk kouder in de winter in vergelijking met de kuststroken. In klimaattermen spreekt men van een zuidelijk continentaal klimaat.

Het zijn deze klimatologische contrasten die er voor zorgen dat men in dat stukje noordelijk Portugal enerzijds een frisse fruitige met zuren overstelpte Vinho Verde maakt en, anderzijds, een uit de kluiten gewassen en karaktervolle Porto. Twee totaal, maar dan ook totaal verschillende wijnen in twee gebieden die pal naast elkaar liggen.

Het milderend maritiem klimaat is extremer in het zuiden in vergelijking met het noorden. Het is een eind warmer in de zuidelijke vlakten en er is heel wat minder regenval.

3½. De Portugese taal

De saudade, de fado, de weemoed die weerklinkt over de Portugese wijngaarden. Een taal waarin heimwee een heel eigen plaatsje heeft veroverd en zich vastklampt aan elke lettergreep.

En soms, zo heel soms, heb ik het gevoel dat ik die saudade, die heimwee, die weemoed kan proeven in hun wijnen…

De geproefde streken ingeblikt

Onze Portugese wijnproeverij was opgevat als een wedstrijdje noord versus zuid. Voor de witte wijnen speelde dit af tussen DOC Ribatejo (Zuid-Portugal) en DOC Vinho Verde (Noord-Portugal). In rood startte de tweestrijd tussen DOC Dão (noord) en Vinho Regional Alentajano (zuid) om vervolgens knetterend tot een hoogtepunt te komen tussen DOC Douro (noord) en Vinho Regional Terras do Sado (zuid).

1. DOC Ribatejo

Ribatejo betekent zoveel als “boven de Taag”, de belangrijkste rivier in Portugal met monding in Lissabon. De Taagvallei is een enorm brede strook vruchtbaar land waar maïs, fruitbomen, groenten en wijngaarden broederlijk naast elkaar staan. Mij hebben ze altijd wijs gemaakt dat waar fruit en groenten groeien er best geen wijngaarden staan. Het is dus niet verwonderlijk dat deze streek grote hoeveelheden bulkwijn uitspuwt. Zeker als je weet dat er wijngaarden zijn die gemakkelijk tot 100 hl, ja inderdaad 100 hl, per hectare uit zich laten persen. En, diepe zucht, dan krijg je flinterdunne wijntjes die je best met het verstand op nul achteroverklokt en nog liefst op een zonovergoten terras.

Gelukkig lopen er hier een hoop wijnmakers rond die oog hebben voor kwaliteit en zijn verkast richting de armere heuvelgronden. Het is hier dat de betere wijnen vandaan komen en dan vooral in de witte versie. Druiven zoals fernão pires (ook bekend als maria gomes – ik herinner me nog het kapittelbanket van een aantal jaar geleden waar er een schitterende marriage ontstond tussen deze druif en het beste stukje van de kip), arinto, vital en verdelho delen hier de lakens uit. In rood vind je vooral castelão en trincadeira. Opvallend en uniek voor Portugal is dat er veel internationale variëteiten zijn binnengedrongen: chardonnay, merlot, cabernet sauvignon en syrah hebben hier een stevige poot in de aarde.

2. DOC Vinho Verde

Groene wijn
De vertaling van vinho verde betekent “groene wijn”, een aanduiding die tot diverse speculaties heeft geleid:

Speculatie 1: Groen staat voor de kleur van de wijn, dus een Vinho Verde is altijd een witte wijn. FOUT. Vinho Verde vind je zowel in witte, rosé als in rode versie.

Speculatie 2: Groen duidt op het tijdstip waarop de druiven worden geoogst, dat is als ze nog “groen” zijn, dus nog niet volledig rijp. Wederom FOUT.

Speculatie 3: Bij groen denk je aan “de ouwe bok en het groene blaadje”, oftewel iets jong. CORRECT. Deze wijn is er eentje om in zijn groene frivole jeugd op te drinken en dit liefst binnen het jaar. In Portugal gebruikt men als tegenhanger van jonge wijn, vinho verde, trouwens de term vinho maduro, en ja, dat is een volwassen wijn, zo één die wat beter bestand is tegen het ouderen.

Invloeden van het klimaat
DOC (Denominação de Origem Controlada) Vinho Verde strekt zich uit in het noordwesten van Portugal. Hier laten de Atlantische westenwinden zich van hun beste kant zien. Gevolg: een vochtig, eerder koel zeeklimaat. En wat krijg je dan in druiven, een hoop zuren en weinig suikers. Dit vertaalt zich in lichte wijnen met een laag alcoholgehalte, een karrevracht zuren en dikwijls een fijn sprankeltje. Het licht mousserende karakter is afkomstig van de CO₂ die vrijkomt bij de malolactische fermentatie. Alhoewel men tegenwoordig meestal de “pompe bicyclette” methode toepast en koolzuurgas toevoegt. Opvallend is dat deze wijnen dikwijls zonder jaartal gebotteld worden en dat ze worden aangezoet voor de export om zo de zuren wat te bedekken.

De beste exemplaren zijn ééndruifwijnen, op basis van alvarinho. Deze witte druif is in Spanje gekend onder de naam albariño uit de Rias Baixas en maakt daar veel furore. Dit exemplaar heeft een dikke pel en proportioneel veel schil en pitten ten opzichte van het vlees met als gevolg een stevige lading aroma’s (denk aan abrikoos en witte perzik) en een tikje bitterheid. De goedkopere witte vinho verde versies voegen daar wat meer illustere druivenrassen aan toe zoals loureiro, trajadura, pedernã en avesso.

Wijnbouwgebied
Vinho Verde staat geboekstaafd als de grootste appellatie in Portugal, ongeveer 34.000 hectare. Circa 30.000 wijnboeren bewerken die oppervlakte. Omgerekend zou dit net iets meer dan 1 ha per wijnboer betekenen! Of net iets meer dan een voetbalveld per wijnbouwer. Weinig, niet. Inderdaad volgens officiële cijfers beslaat meer dan 90% van alle wijnbouwpercelen minder dan 5 hectaren en zijn de meeste daarvan zelfs niet meer dan een achtertuin groot. Opvallende cijfers.

Een wijnbouwer die maar over een achtertuintje beschikt, moet hier inventief mee omgaan. Eén van de gevolgen van die beperkte ruimte vertaalt zich in het gebruik van gemengde teelt. En aangezien een druivelaar een klimplant is, laten ze deze in de hoogte groeien in de vorm van pergolas. Op deze manier beschikken de boeren daaronder nog over ruimte om andere gewassen aan te planten. Het gebruik van pergolas heeft nog andere voordelen, zo krijgen schimmels minder kans en is het gevaar van schade door nachtvorst beperkt.

Vinho Verde is zondermeer een aparte appellatie met een heel eigen stijl van wijn en wijnbouw. Toch is ook hier de modernisering binnengesijpeld en verrijzen er een hele hoop (kleinere) wijnbedrijven, quintas, die de kwaliteitskaart trekken.

Meer weten? www.vinhoverde.pt

3. DOC Dão

Een hoop rivieren doorkruisen Portugal. Combineer dit met de gewoonte om hun appellaties te vernoemen naar deze rivieren en je hebt al zo’n donkerbruin vermoeden dat de DOC Dão verwijst naar de rivier Dão. Eigenlijk lopen er door deze regio een drietal grote rivieren, de Mondego, Alva en Dão, maar deze laatste bekt gewoon beter, niet (en is het kortste om te schrijven).

De regio heeft een enorm potentieel en staat genoteerd als één van ‘s lands beste rode wijn regio’s. Dit is toe te rekenen aan drie elementen:

(1) Dão is één groot amfitheater
Deze appellatie in noord-centraal Portugal ligt in de beschermende armen van een reeks bergketens, Serra da Estrela, Serra do Caramulo and Serra da Nave. Die bergen vormen een dam tegen de weersinvloeden van de Atlantische oceaan. Met als gevolg lange warme zomers en overvloedige regen in de winter. Dit laatste is vooral goed om een waterreserve op te bouwen die de wingerds tijdens hun groei kunnen aanspreken.

Dão ligt in een hoogvlakte en in combinatie met de hellingen van de bergketens vind je hier wijngaarden tussen de 200 en de 600 meter. Dat betekent een goede verkoeling ‘s nachts en zodoende hebben de druiven hier meestal een aangename natuurlijke zuurtegraad.

(2) Een Bill Gates’ rijkdom aan inheemse druiven
Ook hier vind je weer al die prachtige inheemse druiven terug met in de hoofdrol de koningin der Portugese druiven: touriga nacional. Deze moet in de blend minstens 20% uitmaken. In zo’n blend zul je dikwijls ook tinta roriz (tempranillo), jaen en alfrocheiro preto aantreffen. De nadruk ligt hier op rode wijnen met een ruime 80% van de productie.

Toch kunnen de witte versies ook op heel wat bijval rekenen. De druif daarvoor verantwoordelijk is encruzado met in de bijrollen arinto en bical.

(3) En wat een terroir!
Een arme grond met een goede waterdoorlating, een wijnrank heeft niets liever. De ondergrond is een mengeling van verweerde graniet, zand en in sommige plekken wat klei. Dit type van bodem zorgt er voor dat de wijn een goede aciditeit heeft.

De combinatie van het klimaat en de ondergrond zorgen bij de beste Dão-wijnen voor een elegantie gekoppeld aan een fijne zuurtegraad. Het is dan ook niet verwonderlijk dat wijnschrijvers deze wijnen vergelijken met Bourgogne. Ook wijnen die het niet zozeer van hun kracht maar eerder van hun elegantie moeten hebben.

Toch is dit potentieel maar recentelijk tot bloei gekomen. De reden dat deze streek lang puberaal is gebleven, is te wijten aan een aantal ongelukkige ontwikkelingen:

(1) De coöperatieve Salazar
Portugal lijdt aan een serieus kwantiteitsprobleem: veel te veel wijnboeren in vergelijking met het totaal hectare wijngaarden. Gevolg: veel kleine wijngaardjes, dikwijls amper een (stevige) achtertuin groot.

Salazar wou dit versnipperd geheel eens stevig organiseren en meende de juiste remedie daarvoor te hebben: coöperatie. Salazar bouwde een hoop coöperatieven doorheen Portugal. En vooral de Dão was zijn speeltuin. Tussen 1954 en 1971 plantte hij hier 10 coöperatieven neer.

Daarbij kwam ook een stevig stuk wetgevend werk te zien. Deze coöperatieven kregen immers het alleenrecht op de aankoop van druiven. Met andere woorden, de wet verplichtte de wijnboeren hun druiven aan deze instellingen te verkopen en wijnproducenten, die zelf wilden bottelen, waren aangewezen op wijn gemaakt door de coöperatieven.

(2) Old is beautiful? Not!
Ik heb het al een paar keer gezien, zielloze coöperatieven waar zielloze wijnen van de band rollen. Verantwoordelijk zijn een stevige geut bureaucratisme gekoppeld aan een absolute afkeer voor investeringen en hygiëne. Wat krijg je dan, wijnmakerijen met verouderde apparatuur, stoffige, onhygiënische toestanden en wijnen die absoluut niet de olympische minimumstandaarden halen.

En dit was ook al vlug het geval bij de wijncoöperaties van Salazar met als gevolg ondermaatse wijnen: tandvleesvernietigende rode wijnen en stoffige geoxideerde witte.

Kanttekening: gelukkig zijn er ook een hele hoop coöperatieven die voor de ziel in de wijn gaan, stevige investeringen doen en waar hygiëne als het ware is ingebakken. En waar dus wel overheerlijke wijnen het daglicht zien.

In de jaren ’80, ja, die golden eighties, waaide er een nieuwe wind door de streek. Met de toetreding tot de EU (toen nog de EEG) schafte men het monopolie van de coöperatieven af. En ja, al vlug ontstonden er privé-initiatieven.

Eén van de voorstrekkers was Sogrape, de grootste wijnproducent van Portugal. Dit wijnbedrijf wou eens laten zien tot wat een heerlijkheden de streek Dão in staat was en bouwde een nagelnieuwe en moderne wijnmakerij in het hart van de regio. De wijnen Grão Vasco en Duque de Visue waren geboren.

Vele wijnbouwers, bevrijd van het juk van de coöperatieven, volgden dit lichtend voorbeeld. Ze hadden nu de handen vrij en begonnen zelf wijn te maken en te verkopen. Een heel nieuwe Dão-beweging zag het licht. En van die beweging zien we nu meer en meer supersappige wijnen onze richting uitkomen.

Meer weten (en Portugees leren)? Vinho do Dão

4. Alentejo

Alentejo is de grootste wijnregio en beslaat zo maar eventjes ⅓ van de totale oppervlakte van Portugal. Alentejo is afgeleid van “Além do Tejo”, voorbij de Taag en ligt in het zuidoosten. Eigenlijk is de streek vooral bekend om zijn kurk. Zowat de helft van de wereldproductie zou hiervan afkomstig zijn. De voornaamste reden hiervoor is het klimaat: zelfs in putje winter is het hier nog aangenaam warm en in de zomer zijn temperaturen rond de 40° geen uitzondering. Een uitstekende habitat voor de noeste kurkeik.

De Noordportugezen noemden dit deel spottend “terra de mau pão e mau vinho”, “het land van slecht brood en slechte wijn”. Wijngaarden vind je maar hier en daar, maïsvelden des te meer. Gelukkig zijn de dagen van de slechte wijn geteld. De toetreding tot de EU heeft ook hier voor een broodnodige zuurstofinjectie gezorgd.  Nu is Alentejo uitgegroeid tot een gebied waar talloze prijs-kwaliteitswijnen vandaan komen.

Het warme klimaat leent zich in hoofdzaak voor rode wijnen. De hoofdrolspelers zijn aragonéz (nog een synoniem voor tempranillo), de kruidige trincadeira preta, de fruitige en vlezige periquita (wat parkiet betekent en het lokale synoniem is voor castelão) en moreto. Ook syrah is met succes geïntroduceerd. Voor wit valt men terug op de florale roupiero en rabo de olveha (vertaald “schapestaart”).

5. Terras do Sado

Ok, ondertussen heb je het al geraden, de appellatie Vinho Regional Terras do Sado verwijst inderdaad naar een rivier, de Sado. Het gebeid ligt ten zuidoosten van Lissabon geprangd tussen de rivieren Sado en Taag. Het zacht maritiem klimaat is uitermate geschikt voor wijnmaken.

De belangrijkste rode druif is de castelão, hier beter gekend als periquita. José Maria da Fonseca, niet te verwarren met Fonseca Port, heeft deze regio op de kaart gezet. Hij was de eerste wijnproducent om monocépagewijnen op basis van periquita op de markt te brengen.

De muskaatdruif speelt de hoofdrol in wit. Haar bekendheid ontleent ze aan de DOC Setúbal met haar prachtige dessertwijnen. Arinto en fernão pires vullen dit rijtje aan. Vermeldenswaar is de tweede DOC van de regio, DOC Palmela, een samenvoeging van twee IPR’s. Vooral de zandige vlakte rond de heuvelstad Palmela is speelterrein voor de periquitadruif.

wordt vervolgd…

Tags: ,

6 Responses to “Portugal – dinsdag 17 maart 2009”

  1. Glen zegt:

    Beste wijngildenaars,

    Een eerste keer bij jullie de sfeer komen opsnuiven en ik moet zeggen dat het een heel leuke ervaring was. Toffe, ontspannen sfeer en toch een aantal leuke en verassende wijnen geproefd. Jammer dat ze niet waren gekarafeerd ;-)
    Groetjes en zeker tot een volgende keer
    Glen

  2. Peter zegt:

    Zeg dat tegen onze wijnmeester hé, die heeft een hekel aan karafferen, decanteren en alle andere mogelijke vormen van wijn aëreren. :-)

    Maar ik moet toegeven: hij heeft vaak een punt.

    P.

  3. kaat zegt:

    weet je, ik had de aneto een paar weken daarvoor bij amorvini uit een karaf geproefd, ik vond hem tijdens onze proeverij fruitiger dan ik hem mij herinnerde…

    we moeten dit echt een keer testen vind ik :-)
    alleen moeten we dan zien dat we onze wijnmeester in al zijn enthousiasme tegenhouden, want voor je het weet karaffeert hij in (wal)visbokalen ;-)

  4. Ik had eigenlijk al iets in gedachten met plastieken emmers, schoenen (ah, die klassieke ad schoendum van de univ) en tefalpannen (decanteren in een tefalpan, ja dat lijkt me echt wat)…

  5. [...] Aneto uit de Douro. Fijne herinneringen sluipen mijn geheugen binnen. We proefden deze fles met de commanderij. En we waren verkocht, zo verkocht dat we met een paar een aantal flessen kochten bij [...]

  6. [...] Portugal – Grou (de restfles van de Portugaldegustatie van vorig [...]

Leave a Reply